VOORAF
Tja, hoe schrijf je over foto’s…
Ten eerste: in je moerstaal, want er komt bij het beschouwen heel wat los waar je in je eigen taal nauwelijks woorden voor vindt, laat staan in een andere.
Ten tweede: als je beweert dat foto’s spreken, doet me dat denken aan W.F. Hermans, die - geestig als altijd - op het vaak gebezigde ‘een teken des tijds’ reageerde met: ‘Kan de tijd tekens geven?’ Hij fotografeerde trouwens ook, en niet onverdienstelijk, zoals welwillende kenners vast wel eens beweerd hebben. (De dichter lucebert tekende ook, best wel verdienstelijk; zou dat ooit beweerd zijn? Et cetera.)
Kunnen foto’s spreken? Beter is het misschien te zeggen: foto’s spreken via mij; ze spreken van hun tijd, hun oorsprong, hun techniek, hun maker/maakster, hun context, hun ontvangst soms. Al deze aspecten komen in meerdere of mindere mate aan bod. Maar ik associeer er vooral lustig op los.
Want ze zetten een hoop in gang bij mij, die foto’s. Kunst of geen kunst is nooit de vraag. Het gaat erom of ze me iets doen. Een aansprekende foto: hij doet je wat, hij is raak. Een sprekend portret: het lijkt.
‘Er spreekt iets uit deze foto…’ Maar wat dan wel... Vaag, hoor. Dus daar wil ik woorden voor vinden… Ik ga praten over foto’s (van amateurs en professionals gelijkelijk), want zelf praten ze niet, ze zijn stom, ze zijn beeld. En de grens tussen amateurisme, wetenschap, commercie, journalistiek en autonome kunst, waar loopt die in de fotografie? De kreet But! Is it art?!! geeft leuk de vertwijfeling van sommigen weer...
Het woord is aan de foto’s.
Labels:
inleiding
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten