KAN NIET MEER





Klik op de fotos om te vergroten = Click images to enlarge

Bij het zien van deze foto’s is mijn eerste gedachte: dit kan echt niet meer. Taferelen uit de jaren 1940, ’50, wie zal het zeggen...  Er werd nog met paarden gewerkt. ’t Zijn eenvoudige afdrukken van 6x9 negatieven. In een familie-album beland, want ja, het bedrijf in vol bedrijf hoort er bij; Pa staat erop, en heel op de achtergrond Opa met z’n sigaretje... Ja, die tweede gast is je Oom Henk, die kwam ook altijd helpen als er gespoten moest worden. Heb jij die foto’s gemaakt, Ma? Ben je gek, ik weet niet meer wie, ik keek wel uit, je kreeg die DDT of wat het was zó in je gezicht als je niet uitkeek. Of als ze grapjes wilden maken, je kwam niet op tijd weg, hoor... Jij ook nog wat, Bep? grijnsden ze dan...

Gelukkig hebben we tegenwoordig biologische fruittelers (appels en peren) als William Pouw uit Schalkwijk (gemeente Houten). In het Ekoplaza magazine Lekker Weten (herfst 2024) vertelt hij hoe zijn vader vroeger hielp bij een kersenboomgaard in de buurt waar flink met gif werd gespoten. William hoorde zo de verhalen waar Vader mee thuiskwam. Dat de regenwormen omhoogkropen om op het gras dood te gaan. Dat de mensen die achter de spuitmachine liepen het benauwd kregen en dat hun ogen prikten. Pouw: Mijn vader realiseerde zich toen al: moeten wij dan dat fruit eten?

LA DAUPHINE

Het grappige van deze foto is dat de jongen vooraan de show steelt, en niet het glanzende nieuwe model van Renault, de elegante opvolger van de blokkendozerige Renault4. De auto is pontificaal dicht bij het strand geplaatst, op een soort promenade langs een hotelachtig gebouw, en, zoals een dauphine toekomt, op een verhoging. Zo'n verhoging voorkomt mooi dat er door nieuwsgierige zomergasten aan het voertuig gemorreld wordt. De auto opgevat en gepresenteerd als glanzend kunstwerk, objet d’art van klasse... Begerenswaardig - en met de toenemende welvaart niet langer onbereikbaar...


De jongen ziet eruit alsof hij niet erg geïnteresseerd is in auto’s maar meer zijn gedachten heeft bij de stok of steel die hij in z’n handen houdt. Is er een schepje vanaf gevallen? Of is het zomaar een stok. Ook lijkt hij in een poserende houding te zijn gedirigeerd door de fotograaf (ik vermoed zijn moeder; een strandfotograaf zal zijn negatieven uiteindelijk weggooien)... Mooi in het midden, goed hoor, hij vindt het allemaal best... Hij heeft ook de ijsverkoper al zien staan natuurlijk, de ijssalon kan niet ver zijn...

De toeschouwers in badjas hebben hoog vanuit hun raam alles gezien. Hebben alles zien bewegen, langs zien komen. Ons rest de rust van de still.

De Renault Dauphine werd uitgebracht in maart 1956, waarmee deze foto zo ongeveer gedateerd is. 
Digitale omzetting in positief van oorspronkelijk 6x6-negatief uit Frankrijk.

DIE PIJP PAST ONS ALLEMAAL

Die bij het kruisje ben ik, die rechts van mij, voor jou links, is m’n vader, hij heeft precies zo’n pijp als ik. Die andere is m’n broer maar die doet alsof, in zijn hand houdt hij een sigaret verstopt. Geen pijproker. Hij houdt z’n mond echt niet goed hoor, het ziet eruit alsof hij zuigt, maar dat klopt niet, veel te hard, zo doen wij pijprokers dat niet... Wat de buren ervan vinden achter de ligusterheg? Als ze klachten hebben gaan ze maar ergens anders zitten... Zelf altijd tuinafval verbranden in oude olievaten - hou dán je deuren en ramen maar dicht...

*

Jong geleerd is oud gedaan, en ik ga later bij de marine, al moest ik m’n matrozenmuts afdoen voor de foto, ik weet ook niet waarom, maar die staat er lekker toch nog half op... Wel een beetje eng, zo hoog op de tafel, maar ach, voor de keizer doe je alles... 

*


Staat goed toch, zo’n pijp? Daar kan je niet omheen, om zo’n pijp en profil, monsieur Hulot maakte er later furore mee... De hemdsmouwen worden opgehouden door... ja, mouwophouders! Rotting erbij, uit de kluiten gewassen pet, vlinderdasje, brutaal gestreept overhemd, lichte schoenen, donkere bril... Je werd al gauw voor een dandy uitgemaakt. Of kwibus. Trots op de foto gegaan.  


Foto 1 en 3: Anonieme fotografen, Denemarken, ongedateerd (jaren 1920), uit familie-albums.
Foto 2: Carte-de-visite door J.C. Schaarwachter, Berlijn, na 1889. 

’t IS WEER VOORBIJ DIE MOOIE ZOMER


Ook al is de foto afgedrukt op stevig Merkur fotopapir (ansichtkaartenkwaliteit met adresstippellijntjesopdruk), hij krult aan de randen nog van zomervreugde en danst losjes op het fotoalbumblad... Maar stevig staan de voeten van het polkadotmeisje en al haar vrienden en vriendinnen in het zand geplant voor een foto door de fotograaf onder het stel, die weer eens een originele opstelling bedacht heeft, als gold het een aflevering van het ochtendgymnastiekprogramma Denemarken in beweging; de benen iets uit elkaar, voeten naar voren... Zijn we d’r klaar voor? Krijg nou wat, draagt ze hoge hakken? Klik! 
 
klik voor cox
Summary

Even though the photo is printed on sturdy Merkur fotopapir (postcard quality with address dotted lines print), it still curls of pure summer joy at the edges and dances loosely on the photo album sheet... But firmly the feet of the polkadot girl and all her friends are planted in the sand for a photo by the photographer among the gang, who has once again come up with an original setup, as if it were an episode of the morning gym program Denmark on the move; the legs slightly apart, feet forward... Are we ready for it? Holy mackerel, is she wearing high heels? Click!

Vertaling gebaseerd op Lingvanex; behoorlijk goed maar een aantal ernstige misinterpretaties zijn gecorrigeerd door de auteur.

DE JONGENS DIE WE WAREN

Nostalgie, wat u zegt. U klinkt verwijtend, maar nostalgie is de enige manier om iets te ervaren van de tijd in zijn volledige omvang. - Benno Barnard

Wat niet terugkeert blijft. - John B. Vorenkamp 


De jongens die we waren, die komen nooit terug. Dat is een ding dat zeker is. Zou je zeggen. Maar is dat wel zo? Is er niet eerder sprake van een continuüm, dragen we ze niet altijd met ons mee? Dan is het een goed ding naar ze terug te kijken, om dat eens scherper te krijgen... Via oude foto’s (meestal van anderen) lukt dat soms verrassend goed.


In deze bokkige jongen bijvoorbeeld, herkende ik mezelf onmiddellijk. In zijn favoriete hangstoel. Gestoord in zijn mijmeringen... Deze jongen trekt zich graag terug, om te dagdromen. Zijn moeder overvalt hem met haar agfa-boxje, dat ze mee naar buiten neemt zodra het eerste lentezonnetje de aarde komt verwarmen, op zoek naar ‘een motief voor haar foto’... Ze heeft ontwikkelen en afdrukken geleerd in de doka van een collega van haar vader, namelijk diens voorganger als predikant in het dorpje S. in Friesland; ze reisde er helemaal voor naar de pastorie in het verre, nog minusculere Stichtse dorpje B. (Wat speelt er zich niet allemaal af in zo’n donkere kamer; mijn moeder had altijd veel aanbidders…) 


Ze was ook een meester in het inkleuren van foto’s, met potloden uit een uitgebreide cassette van Faber-Castell… Beatrix als hummel te paard bijvoorbeeld, op een foto door Prins Bernhard, ‘welwillend afgestaan uitsluitend ten behoeve van het Algemeen Steuncomité 1939.’ Of het inkleuren ook in 1939 plaatsvond (ze was toen 21), blijft ongewis. Maar zeker is dat ze het in 1952 nog steeds deed, getuige een foto die ik vanwege het privékarakter (ik sta er zelf op) hier niet laat zien. Let op de eend aan tafel - om te gillen (zou mijn moeder zeggen). Maar dit alles terzijde. Zelfs mijn verzamelzucht van oude foto’s heeft hier waarschijnlijk allemaal niks mee te maken.


De jongens die we waren (leeftijd 6-12) hadden op de lagere school een beste vriend, met wie we na schooltijd speelden, bij wie we dagelijks over de vloer kwamen, waar we zagen en roken dat er steevast in het keukentje gewokt werd door de moeder. Pas veel later kwam ik erachter dat de wolkig geëmailleerde wok een wadjang heette, zij was Indisch, de vader een Engelsman uit Newcastle, waar mijn vriendje geboren was, vooral dat laatste een feit om nooit te vergeten. De vader bezat een Citroën traction-avant waarin ik weleens heb mogen meerijden (er werd meestentijds aan gesleuteld). Hij noemde me oeWimmy, met een Engelse w.

We stonden bekend als het koppel Leslie en Wim. Zet u ze maar naast elkaar, zei mijn moeder op de eerste schooldag tegen de onderwijzeres, ze kennen elkaar van de kleuterschool (i.c. de Fröbelschool der Evangelische Broedergemeente, waar ik het in al zijn eenvoud ontroerende lied ‘De Heer is mijn herder’ heb mogen leren zingen. Het zou kunnen dat de wondermooie melodieën van de Deense liederenschat mij later daarom zo raakten.)


Maar het meest blijft bij: de aangename ernst van het spel, de dingen die we bedachten en uitvoerden. Ernst of spel, niks zei het ons… Nog altijd voel ik bij bovenstaande foto, nota bene uit 1927, ver voor mijn tijd, het samenspannen, het improviseren, het ‘vergeten’ van de tijd (die bestond sowieso niet). Het bedenken, uitvoeren en evalueren van ‘projecten’ verliep simultaan, mislukkingen gingen gepaard met een vrolijke lach, bij beiden; ik luchtig (‘Wat een onzin ook…’), hij hernam zich sneller en was alweer serieus op zoek naar een oplossing. Wat mij dan weer lichtelijk irriteerde…


En waar blijven de meisjes… Geen enkele rol speelden ze… Tot Leslie’s Australische nichtje overkwam en ik bevangen werd door een vaag gevoel van… ja, waarvan, daar vind ik nu pas een naam voor, toen was het onbestemd, maar het was pure jaloezie op de vertrouwelijkheid tussen die twee. Ja, kunst! Hij sprak Engels met haar; flink buitengesloten voelde ik me. En ik vond haar nog wel zo ontzettend leuk. Bedwelmend lief, nog ruik ik haar ravenzwarte haar… Bij wijze van spreken dan; ik herínner mij dat ik haar rook. Maar die geur komt nooit terug.


Introduction in English

The boys we were are never coming back. That's one thing for sure. You'd say. But is that really the case? Isn't it rather a continuum, don't we always carry them with us? Then it's a good thing to look back at them to get that sharper... This sometimes works surprisingly well via old photos (usually from others).

Vert. gebaseerd op Lingvanex op Vivaldi-servers, gecorrigeerd door auteur. 

Alle foto’s in dit verhaal, de foto van prinses Beatrix uitgezonderd, stammen min of meer toevallig uit Deense familiealbums. 

EEN VISSERMANSVRIEND

Vissers of een vissersfamilie (vader en zoons?) in de haven van het voormalige eiland Marken, aan de voormalige Zuiderzee. Prentbriefkaart, uiterlijk 1905, uitgegeven door Jos. Nuss & Co, Haarlem. Bijzonder mooie afdruk, vraag me niet naar de techniek, op half-mat papier, op de achterkant staat nog de aanduiding Bromo Novum.

Gewillig poserende groep, uit het leven gegrepen, in tegenstelling tot veel geënsceneerde kaarten vol pittoreske vissersdorpenromantiek die we ook veel zien. Als kattenvriend viel ik ook voor deze foto vanwege de kat. Die werd natuurlijk altijd verwend met vis en visafval, maar hij lijkt ook een speciale band te hebben met een van de jongens. Kat is blij dat zijn baasje weer behouden weerom is. Heel erg op zijn gemak, lijkt die kat; hij zou eigenlijk, net als Vader, wel een pijpje op willen steken. De jongen met de kat heeft nog gauw even zijn mooiste paar klompen opgehaald…

Opmerkelijk: de jongen in het midden draagt als enige geen klompen en lijkt meer op z'n zondags gekleed; zeker de schoenen zijn niet geschikt voor een glibberig scheepsdek. Hij zit in hemdsmouwen; een afgedragen vissermans-werkjasje hoort hoe dan ook niet bij de zondagsdracht… Wat voor apparaat houdt hij vast?

Fishermen and/or fisherman’s family in the harbour of the (former) island Marken, on the Dutch former Zuiderzee (now lake IJsselmeer). 1905 or earlier. Note that one of them is in sunday’s outfit…

MEISJE OP STOEL IN ZONNIGE KAMER MET LUIKEN


Wat is er zo bijzonder aan deze foto? Hij wijkt in meerdere opzichten af van wat de professionele fotografen in deze tijd (ruwweg derde kwart 19e, begin 20e eeuw) deden. Ten eerste valt op dat de afdruk niet zodanig is bijgesneden dat hij past binnen de voorgedrukte rode omlijsting op het fotokartonnetje (maat: carte de visite). Ten tweede is er sprake van een rommelige achtergrond; een fotostudio werkte met geschilderde achtergronden op doek (de buitenlucht of deftige interieurs voorstellend), en strak opgestelde rekwisieten (stoelen, fauteuils, tafeltjes, étagères, tuinbankjes). Men werd geposteerd, meestal frontaal.

Hier niets van dit alles; de fotograaf is een goede bekende met fotografie als (dure) hobby, en de huisgenote (of echtgenote, dochter, nicht, kennis) is voor even zijn/haar gewillige model. De fotograaf is binnenshuis gaan fotograferen met het beschikbare licht van de hoge ramen, dat gedempt wordt door de luiken. Zijn model voor even, zei ik, maar een foto maken was in die dagen een omslachtige affaire, het nam wel eventjes tijd. 

Te laat zag hij dat de boel wat scheef lijkt te staan, iets wat nu juist voor mij weer bijdraagt aan de levensechtheid van dit tafereel... Ook de nonchalant vallende gordijnen en de ruimte als geheel spelen hun rol in de levendigheid en de intimiteit van het geheel. Het licht speelt, is beweeglijk...

Bespeuren we een zekere tegenzin bij het model? Ongeduld? Ze zit er wat dwars bij... Maar ze houdt lief vol... Voor haar vriend des huizes, neef, vader, buurman, verloofde. 

Goeiemiddag, wat een zalige, spannende foto vergeleken met al die gesteven portretten door de commerciële portraitfotografen. De meeste dan. Er zijn er natuurlijk ook die deze twee opvattingen combineerden. Niet veel, maar ze waren er.


English translation


What is so special about this photo? It deviates in several ways from the contemporary professional photographers (roughly third quarter 19th, early 20th century). First, it is noticeable that the print is not cropped to fit within the pre-printed red frame on the photo cardboard card (size: carte de visite). Secondly, there is a messy background; a photo studio would work with painted backgrounds on canvas (representing the outdoors or genteel interiors), and rigidly arranged props (chairs, armchairs, tables, étagères, garden benches). The clients were posted.

None of this here; the photographer is a good acquaintance, with photography as a (expensive) hobby, and the housemate (or wife, daughter, niece, acquaintance) is his/her willing model for a while. The photographer started photographing indoors with the available light from the high windows, which is muffled by the shutters. His model for a while, I said, but taking a picture was a cumbersome affair in those days, it took a while.

Too late he saw that things seem to be a bit skewed, something that in my opinion contributes to the vividness of this scene... The nonchalantly falling curtains and the space as a whole also play their role in the vibrancy and intimacy of the whole. The light plays, is agile…

Do we detect a certain reluctance on the part of the model? Impatience? She looks a bit unwilling... But she persists sweetly... For her friend of the house, cousin, uncle, father, neighbor, fiancé.

My goodness, what a blissful, exciting photo compared to all those starched portraits by the commercial portrait photographers. By most of them. There are of course also those who combined these two views. Not too many, but still.

Translation based on Lingvanex.

EMIL VAN DE HAZELHOEVE

Wat zeg je me nou, heb jij een foto van de hele familie op de Hazelhoeve? (Emil werd in de Nederlandse boeken Michiel van de Hazelhoeve genoemd maar bij Astrid Lindgren heet hij Emil i Lönneberga, en in de Nederlands-gesproken films is men ook teruggekeerd naar Emil. Maar onze groepsfoto is in elk geval uit die tijd en sociale omgeving.)


Een boerenfamilie als op de foto uit Zweden, periode 1900-1920 schat ik zo, omvat in die tijd niet alleen ouders en kinderen maar ook grootouders, meid(en) en knecht(en), en dan zijn er in de oogsttijd ook nog extra dagloners ingehuurd; we zien ze met hun werktuigen, een staat er zelfs zogenaamd zijn zeis te wetten… Die eindeloos lange houten tafels, zoals je ze ook ziet in de En eeuwig zingen de bossen-films (Het geslacht Bjørndal), die waren er niet voor niks. Allemaal meeëten… Zware tijden, drukke tijden, gezellige tijden…

GOLDEN HOURS


Weldra is het 93 jaar geleden dat Agnes een foto-album cadeau kreeg, voor haar verjaardag of een ander heuglijk feit. Ze plakte er fluks (mét fotohoekjes) een zelfverzekerd portret van zichzelf in. Dubbel zelfverzekerd, want haar schaduw staat er ook op…

EEN RUSTMOMENTJE


A moment of rest klinkt me eigenlijk beter in de oren bij deze tijdloze, ongedateerde Duitse amateurfoto. Frühlingsruhe. We identificeren ons graag met de rustende wandelaar onder de net uitgelopen boom… Zijn donkere silhouet geeft geen details prijs, dat maakt hem universeel… Ook de egaal-grijze lucht straalt niets schokkends uit… niets dan rust en stilte. Helemaal mijn weer.

OVER FOTOHOEKJES GESPROKEN…


Een willekeurig voorbeeld… Aangetroffen in de erfenis van een fervente amateurfotograaf, misschien jaren 1920. Gegomd, dus even bevochtigen en plakken maar. Fotohoekjes in zelfklevende versie zijn tot op de dag van vandaag verkrijgbaar, bijv. bij de HEMA.

AIN’T SHE SWEET, MY HUNGARIAN PRINCESS


Ain’t she sweet, my Hungarian princess, ze móet op de foto, zoals ze daar tegenover me zit met haar kingsize sigaret, haar gelakte nagels en haar lieve sportmotieven-bloesje... Lekker roken, zeiden we dan tegen elkaar... Gelukkig wordt het zonlicht op haar gezicht getemperd door de bomen waar ze nét nog onder zit... De witte boord van die vent een paar tafeltjes achter haar, die zie ik eigenlijk nu pas, op de afdruk. Of wat kan het schelen, z’n kop staat er gelukkig verder niet op... Beknippen ging niet... Doordrukken al helemaáál niet aan gedacht, bevangen als ik was door dit beeld van háár dat opdoemde... En zij, m’n Hungarian princess, heeft ’m gewoon in haar album geplakt, zonder hoekjes of wat...

Uit een album gescheurde amateurfoto, anoniem. Hongarije, periode 1970-89. Formaat 6,5 x 9,5 cm.

GÉÉN KOOKEILAND

 

Voorwaar een interieurfoto zoals je ze zelden ziet... Een eenvoudige keuken met houten keukenkastjes boven en onder, en rechts een houtgestookt fornuis, wijselijk van het aanrecht gescheiden door een laag stenen muurtje, waarop een petroleumstel met koffieketel (zo te zien van koper). Voor kookeilanden was eenvoudig geen plaats! Zelfs het aanrecht lijkt niet verder naar links door te lopen, het lijkt of daar een raam zit, het licht valt in elk geval naar binnen, mooi op het gezicht van het jongere meisje. Ze wast een bord af in een geëmailleerd teiltje. Tegen de achterwand meen ik daar een emaillen plaat gemonteerd te zien tegen het spatten. En loopt daar links een waterleiding? 

De kokkin of het keukenmeisje (of is het de vrouw des huizes met keukenschort voor) roert in een beslagkom (van dik aardewerk; plastic bestond niet). Krijgen we pannekoeken? De vrouw vooraan staat onscherp in beeld, het meisje ook, maar iets minder, en het achterste plan is scherp. Werkt eigenlijk onbedoeld goed, we ervaren diepte!

Al met al een eenvoudige keuken, maar men was wel zo welgesteld, dan wel geïnteresseerd, dat er iemand een foto kwam maken van dit huiselijk-culinaire tafereeltje. Opplakken op een fraaie panel card was ook de moeite waard… Werden de andere kamers ook bezocht? Verloren gegaan!

Zweden, rond 1900. Bijgeschreven titel: De keuken. Beeldformaat, zonder omlijstingen en passe- partout: 8x10 cm.

TIP TAP TOP, DE DATUM STAAT EROP


Dat is nog eens een leuk geënsceneerde schoolfoto van een zus en een broertje (met naam bekend.) Dat deden ze toch met fantasie; gewoon een kleine carte-de-visite-foto, maar om ín te lijsten... (Reflecties in het glas door mij...)   

OSCAR WILDE LUCHTDICHT VERPAKT

Oscar Wilde (1854-1900), de roemruchte Ierse schrijver, wie kent hem niet... Maar dat zijn fotografisch conterfeitsel ooit in een Nederlandse kringloopwinkel zou belanden, wie had dat kunnen denken. Vanuit een stevige glazen presse-papier grijnsde hij me aan... Ja, ik begreep zijn blik: red me uit deze gribus, ik lig hier dan wel vacuümverpakt, maar ’t is me toch een gruwel hier; alles valt te overleven tegenwoordig, behalve een kringloopwinkel, zeg ik altijd maar...

De in de presse-papier (ø 7 cm) gebruikte afbeelding blijkt een detail uit een foto uit 1885, gemaakt in New York, door fotograaf Napoleon Sarony (1821-1896), in het bezit van de Library of Congress, Washington DC. Het is een foto van maar liefst 33x19 cm (de gehele kaart). Zo’n kartonnen kaart waarop foto-afdrukken werden geplakt (zoals een carte-de-visite-foto of een kabinetfoto) heet in de VS trouwens een panel card, ontdekte ik daarbij ook nog. Weer wat geleerd. 

EEN IJDELTUIT?

Gezien de prijzen was een bezoek aan de photographe/photograaf voor een portret op kabinet- dan wel carte-de-visite-formaat niet iets wat je dagelijks deed. Het was sowieso iets voor de gegoede burgerij en de beter gesitueerden.

Dat is eigenlijk alles wat er over deze geportretteerde te zeggen valt: hij kon het zich veroorloven meerdere portretten te laten maken, bij verschillende fotografen, en op verschillende tijdstippen. De twee opnames door Offenberg (‘photographe’) verschillen maar heel weinig, alleen in blik en kostuum. Een naam ontbreekt. Wie was hij? Een man met een zachte, vriendelijke uitstraling. Een acteur? Een schrijver? Schilder? Wie het weet mag het zeggen... Ik heb in ieder geval willen voorkomen dat zijn drie beeltenissen naar alle windrichtingen verspreid zouden raken (ze werden los te koop aangeboden).


Prominent op de voorkant van de kaart: Portrait Album. Let op, geheel volgens de tijdgeest ging alles bij studio Offenberg in het Frans, dus portrait album betekent niet portrettenalbum (dan zou het Engels zijn) maar albumportret...


Op de cdv door Oppers uit de Kalverstraat (Offenberg zat in de Damstraat) lijkt onze man iets ouder geworden; de haargrens is iets verder teruggeweken... Opvallend onzekerder is zijn blik, half van ons afgewend, de mond staat iets open. Toeval of pose? Ik zou wel eens willen weten wie hij was...




Kabinetfoto: circa 10x16 cm, blanco achterkant. Cdvs: circa 6x10 cm. De op de achterkant van de Offenberg-cdv genoemde koningin was Sophie van Württemberg, koningin der Nederlanden van 1849 tot haar dood in 1877; Oppers heeft Willem III onder zijn clientèle, hij was koning der Nederlanden van 1849 tot zijn dood in 1890.   

EEN VRIENDENGROEP ANNO 1900

De spontaniteit van de jongens op een kar ontbreekt hier, in het atelier van beroepsfotograaf Braae uit het Deense Svendborg (Funen), geheel. We zien een groepje jonge dandy’s, piekfijn naar de laatste mode gekleed. De opstaande stijve boord overheerst, al is er ook een exemplaar richting vadermoorder (staande jongen rechts). Vier stropdassen, maar de jongen links draagt zijn kravat in een strik (wat er modieuzer was, durf ik niet te zeggen). Hij gunt ons een blik op zijn lichte vest. Opvallend zijn de witte, lage rijglaarzen van de twee zittende jongens. Die móest je hebben, gauw ermee vooraan gaan zitten natuurlijk. De ene schoen van de staande jongen links oogt afgetrapt en is verzoold... 


De jongen rechts vooraan is met zijn stekeltjeshaar ook goed bij de tijd; we schrijven augustus 1900, zoals de achterkant in potlood vermeldt. Het had de Deense componist Carl Nielsen geweest kunnen zijn, die ook deze haardracht (coiffure à la brosse) in zijn jongere jaren en lang daarna was toegedaan, ware het niet dat de vriend op het rotan tabouretje verder niet veel op Nielsen lijkt. Nielsen was bovendien meer op de Funense hoofdstad Odense ge-orienteerd.

Zijn het schoolvrienden? Confirmanten? Eindexamen gedaan? Ik schat ze 15-17 jaar, ouder niet. Maar met de ernst van volwassen mannen. Alleen het begin van een glimlach bij de middelste jongen. 

Foto geplakt op de standaard zogeheten kabinetkaart, ongeveer 10x16 cm. De achtergrond (een neergelaten doek) is van het gebruikelijke type: beschilderd met routineus getekende planten in een vaag gehouden tuin of landschap, waarin een stenen trap verder de hoogte en de diepte in leidt; vooraan rechts is nog wat smeedwerk geschilderd waarlangs enige plantengroei de weg opwaarts zoekt... 

Ik zal tzt een foto van betere kwaliteit leveren.

TWEE VROLIJKE JONGENS OP EEN KAR, MET HOND


Alweer een foto afkomstig van de knipgrage verkoper uit Denemarken. Ik moet zeggen: hij wist wel een aantal pareltjes uit zijn oude amateuralbums te snijden. 

De jongens (vriendjes of broertjes) zitten in hun goeie goed, compleet met stropdas, het is een verjaardag, of gewoon een zondag. Gympies bestonden al. De hond is een goeie sul, de jongens zijn goed met hem bevriend, gezien hun beider handbeweging naar zijn kop toe. Misschien is het wel een trekhond en trekt Fido door de week de kar... Maar voor een hondekar is deze wagen denk ik te groot. 

De foto is op het platteland genomen; we zien een gietijzeren stalraam en een staldeur. En toen was daar opeens die man met camera die opdook en vroeg of ze wilden lachen en de hond even aanhalen. Ja, zo! Even stilzitten hè... (Zie de gespannen hand van het linker jongetje.) Klaar! Een rondreizende fotograaf? Of was het een van de bezoekers binnen die de foto nam? Een welgestelde boer, een onderwijzer? 

Ik hou het op een rondtrekkende fotograaf; op zondag waren de mensen thuis, er werd niet op het land gewerkt of naar school gegaan, je kon veel mensen voor de lens krijgen. Ook is de foto slordig afgewerkt, met nog vlekken hier en daar van fotografische chemicaliën. Dit soort foto’s werden slecht gespoeld en verbruinden daardoor snel. Na een paar dagen stond het hele dorp in de etalage bij de købmand en konden de foto’s worden opgehaald. Na betaling uiteraard. De kruidenier blij, kreeg hij nog eens wat extra volk binnen ook.
 
Beeldformaat ong. 7x10 cm. Omstreeks 1920.

JONGE VROUW MET TEDDYBEER


De jonge vrouw met teddybeer komt van dezelfde verkoper-met-schaar als Meisje op krukken, en heeft op de achterkant resten van dezelfde kleur fotoalbumpapier (wat niet alles zegt, want vrij gebruikelijke kleur in die dagen). Belangrijker: achterop in potlood de datering 25/12/1918. Op eerste kerstdag naar de fotograaf? Kerstavond 24 december is belangrijker in Denemarken dan de 25e. Of thuis genomen? Met Teddy, het kerstcadeau. De jonge vrouw moet er wat schalks om lachen... Kijk mij nou, dat heb ik weer... Of wie weet zijn ze met een heel gezelschap jongelui gaan flaneren in de stad, en schoten ze een foto-etablissement binnen. De beer is misschien gewonnen bij het prijsschieten in het Kopenhaagse Tivoli... Zo'n snelfotograaf had je daar ook vast... We zien een eenvoudig houten tuinbankje, en druk behang met florale motieven... Behalve de datum staat er ook nog een ander nummer achterop dit fotootje van pasfotoformaat, dat zou het afhaalnummer kunnen zijn, dat werd in het begin nog niet, of niet overal, zo handig meegefotografeerd... 

MEISJE OP KRUKKEN

 

Een van de mooiste, want geheimzinnigste, aanwinsten van de laatste tijd. Het begint al met die ouderwetse houten krukken; we gaan een eind terug in de tijd... Verder lijkt het halve dorp uitgelopen om deze vuurdoop mee te maken... Vrouwen met werkschorten, met kinderen, zijn we bij een school, een weeshuis, een ziekenhuis? Meisje voor het eerst op krukken naar buiten? In elk geval een gebeurtenis die het meer dan waard leek om vastgelegd te worden. Wie het kiekje nam moest nog haast maken, anders was het meisje alweer uit beeld, ze kwam nog aardig snel vooruit... (maar lijkt dan ook een helling af te komen). De toeschouwers op de achtergrond kijken gespannen toe... Rechts zit een man met pijp in de mond en kind op schoot.

We zullen de afloop nooit weten. Noch de precieze context. Een still uit een stomme film... Meer moet dat niet zijn, zou Johan De Vos zeggen.


Meisje op krukken: uit fotoalbum geknipte amateurfoto. Denemarken, omstreeks1920. Formaat ongeveer 6x10 cm.